Advertentie Deze site wordt betaald met affiliatelinks. Koopt u iets via een link bij ons, dan betaalt de verkoper ons een vergoeding en u niets extra. Hoe dat werkt.
Baken.
Onafhankelijke gezondheidsredactie Nederland · Nederlands
Home / Artikelen / Klachten
Klachten · 11 minuten lezen

Prostatitis, een vergrote prostaat of een blaasontsteking?

De drie overlappen zo sterk op klachtenniveau dat raden zinloos is. Wat ze scheidt is het patroon, de leeftijd, het tempo en een potje urine.

Door Ruben Haverkamp · bijgewerkt 19 mei 2026 · bronnen onderaan

Wie zoekt op “branderig plassen” komt binnen drie klikken drie namen tegen: prostatitis, een vergrote prostaat en een blaasontsteking. Ze staan er naast elkaar, met per aandoening een rijtje symptomen, en die rijtjes lijken zo sterk op elkaar dat een lezer er niets mee opschiet. Dat komt doordat de drie werkelijk grotendeels dezelfde klachten geven, om de eenvoudige reden dat zij op dezelfde plek ingrijpen: de uitgang van de blaas en het stuk plasbuis dat door de prostaat loopt.

Wat ze wél uit elkaar houdt zijn vier andere dingen. Hoe snel de klachten ontstonden. Welke klacht op de voorgrond staat. Of er koorts is. En wat er in de urine zit. De eerste drie kunt u zelf waarnemen; de vierde niet, en juist daar valt de beslissing.

Benigne prostaathyperplasie: langzaam en zonder pijn

Vanaf ongeveer het veertigste levensjaar wordt het klierweefsel van de prostaat bij de meeste mannen geleidelijk groter. Dat heet benigne prostaathyperplasie, goedaardige prostaatvergroting. Het is geen kanker, en het is ook geen ziekte in de gewone zin; het hoort bij ouder worden. Rond het zestigste jaar heeft een ruime meerderheid van de mannen er weefselkundig iets van, en klachten komen daar bij een deel van hen uit voort.

Het herkenbare aan dit beeld is het tempo. Niemand kan aanwijzen wanneer het begon. De straal is trager geworden over jaren, het opstarten duurt langer, er blijft na afloop een gevoel van een niet helemaal lege blaas, en daar komt in de loop van de tijd het opstaan ’s nachts bij. Waarom uitgerekend de ligging van deze klier zoveel gedoe veroorzaakt, staat uitgelegd in ons stuk over de bouw en functie van de prostaat.

Het tweede herkenbare punt is wat er ontbreekt: pijn. Een vergrote prostaat doet geen pijn. Hij hindert, hij vertraagt, hij maakt het plassen tot een klus, maar hij brandt niet en hij steekt niet in het bekken. Wie boven de vijftig langzaam moeilijker is gaan plassen én pijn heeft, heeft waarschijnlijk twee dingen tegelijk, of iets anders dan hij denkt.

Prostatitis: pijn staat vooraan

Bij prostatitis draait de rangorde om. Het plassen is vaak ook lastig, maar de klacht waar de man mee binnenkomt is pijn: in het gebied tussen balzak en anus, in de balzak zelf, in de onderrug, de lies of de onderbuik, en klassiek ook ná de zaadlozing. Lang zitten maakt het erger, fietsen vaak ook. De leeftijd ligt gemiddeld lager dan bij prostaatvergroting; dit is een klachtenbeeld dat ook mannen van dertig en veertig treft.

Onder één naam gaan hier verschillende dingen schuil. De acute bacteriële vorm is de zeldzaamste en de duidelijkste: die komt in uren tot dagen op, met koorts, koude rillingen, ziek zijn en soms helemaal niet meer kunnen plassen. Dat is een reden om dezelfde dag te bellen. De veel vakere vorm is de chronische, waarbij maandenlang pijn en plasklachten wisselend aanwezig zijn zonder dat er ooit een bacterie gevonden wordt. Die indeling is niet academisch, want zij bepaalt of antibiotica zinvol zijn; wij hebben haar apart uitgeschreven in het overzicht van de vier typen.

Bij een vergrote prostaat is de vraag hoeveel last u heeft. Bij prostatitis is de eerste vraag of er koorts is, en het antwoord verandert alles wat daarna gebeurt.

De chronische vorm wordt in de praktijk vaak behandeld alsof het de acute is. Dat een kuur dan zelden helpt, en waarom die kuren toch zo hardnekkig worden voorgeschreven, hebben wij beschreven in het stuk over antibiotica.

Urineweginfectie bij de man: zelden, en juist daarom serieus

Een blaasontsteking bij een man is iets anders dan een blaasontsteking bij een vrouw, en dat verschil zit niet in de klachten. De klachten zijn dezelfde: branderigheid bij het plassen, aandrang, kleine beetjes, soms troebele of sterk ruikende urine, soms bloed. Het verschil zit in de betekenis. De mannelijke plasbuis is lang en de opstijgende weg voor bacteriën is daarmee moeilijker; een infectie hier komt beduidend minder vaak voor dan bij vrouwen.

Het gevolg voor de praktijk is belangrijk genoeg om expliciet te maken: bij een man wordt een urineweginfectie in de Nederlandse richtlijnen niet als een eenvoudige blaasontsteking afgedaan. Zij geldt als gecompliceerd, wat betekent dat er langer wordt behandeld dan de drie dagen die een gezonde vrouw krijgt, en dat de vraag opkomt waarom deze infectie hier kon ontstaan. Achterblijvende urine, een vernauwing in de plasbuis, een steen of betrokkenheid van de prostaat zijn de gebruikelijke verklaringen. Een man die twee keer binnen een jaar een infectie doormaakt, wordt om die reden vrijwel altijd verder onderzocht.

Koorts verandert het beeld nogmaals. Blijft de infectie bij de blaas, dan is er meestal geen koorts. Komt er koorts, koude rilling of flankpijn bij, dan is dieper weefsel in het spel — de nier of de prostaat — en dat is geen situatie om af te wachten.

Hieronder staan de drie naast elkaar, op de punten waarop zij werkelijk uiteenlopen.

  Hoe het begint Wat op de voorgrond staat
Vergrote prostaat Sluipend, over maanden tot jaren. Meestal vanaf ruwweg de vijftig, zelden eerder. Geen aanwijsbaar beginmoment. Moeite met op gang komen, slappe of onderbroken straal, nadruppelen, gevoel van een niet lege blaas. Geen koorts, geen pijn. Huisarts: klachten uitvragen met de IPSS, urine nakijken om andere oorzaken uit te sluiten, lichamelijk onderzoek.
Prostatitis Acute vorm in uren tot dagen; chronische vorm sluimerend en in golven, vaak al maanden. Ook bij mannen van dertig tot vijftig. Pijn: bekkenbodem, balzak, onderrug, lies, en na de zaadlozing. Plasklachten erbij. Koorts alleen bij de acute vorm, en dan met ziek zijn en koude rillingen. Huisarts: urineonderzoek, lichamelijk onderzoek, bij koorts direct handelen.
Urineweginfectie Snel, in één tot enkele dagen. Op elke leeftijd, maar bij mannen ongewoon en daarom een reden om verder te kijken. Branderigheid bij het plassen, aandrang, kleine porties, soms bloed of troebele urine. Koorts wijst op nier of prostaat, niet op de blaas alleen. Huisarts: urineonderzoek met kweek, langer behandelen dan bij vrouwen, oorzaak zoeken bij herhaling.

De tabel is een leidraad en geen sleutel. In de spreekkamer vallen de gevallen zelden zo netjes uiteen; een man van zeventig met een vergrote prostaat kan er een infectie bij krijgen doordat er urine achterblijft, en dan ziet u beide beelden tegelijk.

Wat zich voor alle drie kan uitgeven

Er is een vierde categorie die in de zoekresultaten stelselmatig ontbreekt: aandoeningen die niets met de prostaat te maken hebben en toch precies dit klachtenpatroon geven.

Een overactieve blaas. De blaasspier trekt samen wanneer dat niet nodig is. Het gevolg is plotselinge aandrang, vaak moeten en ’s nachts eruit, zonder dat er iets in de weg zit. Het beeld lijkt op prostaatvergroting en de behandeling verschilt.

Een vernauwing van de plasbuis. Littekenweefsel na een katheter, een ingreep of een oude ontsteking maakt het kanaal nauwer. De straal is dan slap en gespleten, precies zoals bij een vergrote prostaat, maar de oorzaak zit lager en de leeftijd klopt vaak niet bij het verhaal. Vermeld altijd of u ooit een katheter heeft gehad.

Suikerziekte. Een te hoge bloedsuiker trekt water mee in de urine. Veel plassen, dorst en ’s nachts eruit zijn dan het gevolg, en er is niets met de blaas of de prostaat aan de hand. Dit is een van de redenen dat de huisarts bij nieuwe plasklachten naar de bloedsuiker kijkt.

Medicijnen. Een reëel deel van de plotseling verergerde plasklachten bij oudere mannen komt uit het medicijnkastje. Middelen tegen verkoudheid en hooikoorts die de neusslijmvliezen doen slinken, spannen ook de blaashals aan. Sommige antidepressiva en middelen tegen misselijkheid remmen het legen van de blaas. Plaspillen verplaatsen het probleem naar het tijdstip van innemen. Wie kort voor het consult iets nieuws is gaan slikken, meldt dat ongevraagd.

WAT HET URINEONDERZOEK WEL EN NIET UITWIJST

Een teststrookje en zo nodig een kweek laten zien of er ontstekingscellen en bacteriën in de urine zitten. Een positieve uitslag maakt een infectie waarschijnlijk en bepaalt de keuze van het middel. Een schone urine sluit een infectie in hoge mate uit, en dat is precies waarom het onderzoek ook zonder afwijking nuttig is: het haalt de meest behandelbare verklaring van tafel en verschuift de aandacht naar obstructie, blaasfunctie of pijn. Wat het onderzoek niet doet, is meten hoe groot de prostaat is of hoeveel urine er achterblijft. Daar zijn andere handelingen voor.

Waarom een website dit niet voor u kan uitmaken

Wij schrijven dit zonder omhaal, omdat een groot deel van het internet doet alsof het anders ligt. Geen vragenlijst, geen zelftest en geen artikel — ook dit niet — kan bepalen welke van de drie u heeft. De beslissende gegevens zijn een verse portie urine en een lichamelijk onderzoek, inclusief het voelen van de prostaat via de endeldarm en, bij twijfel, het meten van wat er na het plassen in de blaas achterblijft.

Verkeerd gokken kost bovendien ongelijk veel. Een gemiste infectie kan opklimmen naar de nier. Een gemiste obstructie beschadigt op termijn de blaasspier. Een chronische bekkenpijn die als infectie wordt behandeld, levert kuur na kuur op zonder resultaat en vertraagt de aanpak die wél iets doet, waarbij de spanning van de bekkenbodem een grotere rol speelt dan de klier zelf.

DEZELFDE DAG BELLEN

Koorts met koude rillingen naast pijn in het bekken, de rug of de flank. Helemaal niet meer kunnen plassen bij een volle, pijnlijke blaas. Zichtbaar bloed in de urine. Zich snel zieker voelen bij klachten die pas een paar dagen bestaan. Bel de huisarts of buiten kantooruren de huisartsenpost; dit zijn geen situaties om een nacht over te slapen.

Wat u maandag kunt doen

Maak de afspraak en breng drie gegevens mee. Ten eerste het tempo: kwam dit in dagen of in jaren? Ten tweede de rangorde: hindert vooral het plassen, of vooral de pijn? Ten derde de lijst van alles wat u slikt, met de vrij verkrijgbare middelen erbij. Ga niet nuchter of drooggelegd naar het spreekuur, want een urinemonster is meestal het eerste wat gevraagd wordt.

Verwacht daarna geen etiket op dezelfde middag. Bij een schone urine en een langzaam beloop wordt vaak eerst een periode van afwachten en meten voorgesteld, en dat is een verstandige stap en geen afscheping. Hoe u uw klachten zo beschrijft dat die eerste tien minuten renderen, staat in ons stuk over het lezen van klachten.

Waar dit op gebaseerd is

  1. NHG-Standaard Mictieklachten bij mannen, Nederlands Huisartsen Genootschap, over het beleid bij obstructieve en irritatieve klachten in de eerste lijn.
  2. NHG-Standaard Urineweginfecties, Nederlands Huisartsen Genootschap, waarin een urineweginfectie bij mannen als gecompliceerd wordt aangemerkt.
  3. Thuisarts.nl, publieksinformatie over blaasontsteking bij mannen, over een vergrote prostaat en over prostaatontsteking, opgesteld met het Nederlands Huisartsen Genootschap.
  4. European Association of Urology, richtlijnen over niet-neurogene plasklachten bij mannen en over urologische infecties, inclusief de indeling van prostatitis.
  5. Farmacotherapeutisch Kompas, hoofdstukken over benigne prostaathyperplasie, urineweginfecties en geneesmiddelen die urineretentie kunnen veroorzaken.
  6. Nederlandse Vereniging voor Urologie, patiënteninformatie over prostaatontsteking en over onderzoek bij plasklachten.
Verder lezen